Artikelen

‘De vader van mijn vriendin stierf aan Covid. Door mij. ‘

Wanneer je corona gerelateerde klachten krijgt, moet je minimaal 24 uur klachtenvrij zijn voordat je uit quarantaine komt. Maya (28) dacht echter dat het wel los zou lopen. Maar ze had het mis.

‘’Haar ouders vielen in de risicogroep, maar dat lapte ik aan mijn laars.’’

‘’De laatste tijd denk ik vaak aan een vroegere kennis met wie ik al jaren geleden het contact heb verbroken. Die jongen is, toen hij net zijn rijbewijs had, een keer dronken achter het stuur gestapt en heeft toen iemand doodgereden. Ik kon het gewoonweg niet meer opbrengen om bij hem in de buurt zijn, ondanks de enorme spijt en het schuldgevoel wat hij had. ‘Daar had je dan eerder aan moeten denken, klootzak’ dacht ik stiekem, als hij vertelde hoe erg het gebeurde aan hem knaagde. Voor mij was hij niets minder dan een moordenaar, door willens en wetens met drank op in de auto te stappen.

Nu denk ik: ‘Zou dit mijn karma zijn? Want als je erover nadenkt, ben ik net zo erg als hij.

Natuurlijk heb ik nooit de intentie gehad om iemands dood te veroorzaken, maar het feit blijft wel dat er iemand dood is omdat ik de gevolgen van mijn acties niet serieus genoeg heb ingeschat. En ik weet nu ook hoe dat aan je kan knagen.

Ik heb heel lang niet geloofd dat corona ‘echt’ was. Als in: ik geloofde wel dat het bestond, maar niet dat het echt ernstig was. Van mezelf was ik dus al behoorlijk sceptisch, maar dat werd alleen maar erger toen ik op sociale media in een aantal Facebookgroepen terecht kwam met anderen die heel kritisch stonden tegenover de ernst van corona. Ik noemde mezelf in discussies vaak #TeamGriepje. Soms werd daar echt heel hysterisch op gereageerd, althans, dat vond ik toen. Mensen die vertelden dat het echt niet om een simpele griep ging vond ik aanstellers. Het maakte niet uit met wat voor ‘bewijzen’ ze kwamen, ik lachte ze gewoon keihard uit.

Ik maakte me dan ook geen enkele zorgen toen ik van een vriend die kort daarvoor bij me langs was geweest, een appje kreeg waarin stond dat hij positief getest was. Hij vertelde er nog bij dat hij alleen maar een beetje snotterig was. ‘Als ik deze klachten vóór corona had gekregen, was ik niet eens thuis gebleven van mijn werk’ waren zijn exacte woorden.

‘Zie je wel’ dacht ik ‘Al die heisa over niks’. Ook toen ik een paar dagen later zélf begon te snotteren en last kreeg van keelpijn maakte ik me geen zorgen. Ik hield me al helemaal niet aan de afstandsregels en ging gewoon naar de supermarkt, geen haan die ernaar kraaide. Mijn klachten waren totaal niet heftig en ik stond er dus ook helemaal niet bij stil dat ik iemand in gevaar kon brengen. Oke, ik voelde me een beetje moe en zweverig, maar een test doen? Het kwam niet eens in me op. ik was veel te druk met thuiswerken en was eerlijk gezegd blij met de afleiding toen een goede vriendin me belde, hoewel de aanleiding nogal verdrietig was.

De lockdown had haar relatie blijkbaar niet veel goed gedaan, want haar vriend en zij vonden het samenwonen zo onhoudbaar geworden dat ze had besloten weer tijdelijk bij haar ouders in te trekken. Hoewel ik me soms best eenzaam voelde als single, prees ik mezelf gelukkig toen ik hoorde hoe zij en haar ex elkaar tot waanzin hadden gedreven terwijl ze samen in huis zaten opgesloten.

‘Heb je zin om even langs te komen op mijn ouwe puberkamertje?’ vroeg Isabel half lachend, half huilend. ‘Dan haal ik zo’n zelfde pak goedkope wijn bij de Lidl als we vroeger altijd dronken, en kunnen we net als toen we op de middelbare school zaten lekker een avond bitchen over kerels.’

Natuurlijk had dat net zo goed via Zoom of Teams gekund. Ik had haar in ieder geval moeten vertellen over mijn keelpijn en haar de keuze moeten geven. Maar ik dacht er alleen maar aan dat ik er even uit kon, en dat ik het niet kon maken om niet te gaan. Mijn vriendin had mijn support hard nodig.

Natuurlijk ben ik niet totaal wereldvreemd, maar ik was er nog steeds heilig van overtuigd dat alleen mensen met onderliggend lijden of extreme obesitas nare complicaties konden ontwikkelen. En Isabels ouders waren altijd kerngezond. Niet dik, alleen qua leeftijd natuurlijk wel in de risicogroep. Toch lapte ik dat aan mijn laars. Ik kan het niet mooier maken. Ik dacht dat het wel los zou lopen en ben gewoon langs gegaan. Isabel merkte niet eens iets van mijn klachten, en ik vond het ook niet nodig om haar te vertellen over mijn keelpijn, al keek ze wel even ongerust toen ik een paar keer achter elkaar moest hoesten. ‘Kijk niet zo bang!’ zei ik. ‘Iedereen zou moeten hoesten van dat bocht uit een kartonnen verpakking. Ik ga niet dood hoor.’

En dat klopte ook: ik ging niet dood. Ik niet.

Isabel en ik hadden een gezellige avond, en voordat ik wegging heb ik ook nog even met Isabel’s vader gesproken. Haar moeder was er niet. Het was nog voor de avondklok, en haar moeder ging altijd een stuk wandelen in de avond. Het gesprek met haar vader was heel kort, maar niet kort genoeg, want een paar dagen na mijn bezoek kreeg ik een appje van Isabel: ‘Ik dacht dat ik mijn portie narigheid wel had gehad, maar mijn vader is net positief getest op corona.’ schreef ze. Ik schrok, dacht ‘Het zal toch niet?’ maar nog steeds maakte ik me niet al teveel zorgen.

‘Ik snap er niets van’ zei ze. ‘Hij komt amper buiten en hier komen ook bijna geen mensen over de vloer. Jij voelde je toch ook niet ziek? Want je hoestte wel even..’ ‘

Nee joh’ zei ik snel ‘Ik verslikte me gewoon in die vieze wijn die je had gehaald. Het komt vast goed met je vader!’

Maar het kwam niet goed. Ik kreeg steeds meer verontrustende berichten van Isabel. Haar vader had last van smaak- en reukverlies, had hoge koorts en een rare huiduitslag. En, tot overmaat van ramp, hadden Isabel en haar moeder inmiddels ook lichte symptomen.

Nu begon het toch te knagen. Via de site van de GGD maakte ik een afspraak voor een test. Ik deed dat eigenlijk omdat ik hoopte dat ik echt alleen maar een griepje of verkoudheid had gehad, en dus niet verantwoordelijk was voor de ellende die ik in het gezin van mijn vriendin had veroorzaakt. Dan zou ik dat knagende gevoel tenminste van me af kunnen zetten en niet meer om de hete brij heen hoeven draaien als Isabel weer eens begon over wat een raadsel het voor haar was wie haar vader besmet kon hebben. Een week eerder had ik het me niet kunnen voorstellen, maar nu liet ik met liefde met een wattenstaaf in mijn hersenen peuren. Zolang ik maar dat verlossende woordje ‘negatief’ te horen zou krijgen..

Helaas kwam de opluchting waar ik zo op hoopte niet. Ik bleek inderdaad antistoffen in mijn lijf te hebben, dus toen ik diezelfde middag schuldbewust bij Isabel informeerde hoe het nu ging, zakte ik bijna door de grond van ellende van het antwoord.

‘Mijn vader is opgenomen’ snikte ze. ‘Zijn tandvlees begon heel erg te bloeden en een paar tanden zijn zelfs uitgevallen, en hij werd enorm benauwd.’ Ik slikte. Het voelde alsof er een dikke prop in mijn keel zat, ik kon gewoon niet geloven hoe ik in deze nachtmerrie terecht was gekomen, laat staan dat ik die zelf had veroorzaakt.

Ik zou er een arm of been voor geven als ik nu kon zeggen dat het met een sisser afliep en dat ik mijn lesje wel geleerd heb, maar de achtbaan denderde maar door: Isabel’s vader is nog aan de beademing gelegd, maar eenmaal in het ziekenhuis is hij binnen twee dagen overleden. Hij kreeg een hartstilstand en is blijkbaar overleden aan een longembolie: een blokkering van een slagader in zijn longen. Ik weet niet precies hoe het zit, maar naar het schijnt lopen mensen met parodontitis (tandvleesontsteking, red) een extra risico. Iets waar haar vader voor onder behandeling liep bij een mondhygiënist, waar hij sinds de lockdown natuurlijk niet meer was geweest.

Isabel en haar moeder waren inmiddels weer enigszins opgeknapt, maar helemaal kapot van het plotselinge overlijden. ‘Ik had nog zo graag willen zeggen dat hij een goede vader is geweest’ snikte ze aan de telefoon. Ik kon wel door de grond zakken. En nog steeds. Het is mijn schuld dat er iemand dood is. Of ik het nu expres heb gedaan of niet, ik had veel meer moeten doen om dit te voorkomen. Omdat ik corona niet serieus nam, is er nu een gezin kapot en een man van net zestig moederziel alleen overleden.

Natuurlijk: puur vanuit juridisch oogpunt is het onbedoeld doorgeven van corona geen moord of zelfs maar doodslag. Maar mijn geweten werkt toch net even anders. Helemaal omdat ik dit had kunnen voorkomen. Ik heb mezelf direct gedistantieerd van alle ‘ongelovigen’ tot wie ik me voorheen ook rekende. Natuurlijk niet met de reden waarom, ik ben als de dood dat dit ooit uitkomt, maar ik heb wel aangegeven dat ik ‘door privé omstandigheden’ mijn mening heb moeten herzien. Het heeft een aantal pittige discussies tot gevolg gehad, maar die ga ik graag aan als ik daarmee kan voorkomen dat er nog zo iemand als ik, die met symptomen bij een ander op bezoek gaat en denkt ‘Het zal wel loslopen.’

Hiermee dealen is moeilijk. Ik voel me vreselijk alleen, want ik kan de reactie wel voorspellen als ik dit ooit aan iemand vertel: waarschijnlijk zal ik dezelfde walging en onbegrip oproepen als mijn vroegere kennis – die van het auto ongeluk – bij mij deed. En laten we eerlijk zijn, welke pijn ik als ‘onbedoelde moordenaar’ ook ervaar, die wordt altijd overschaduwd door de pijn die ik heb veroorzaakt. Ik heb het een en ander gelezen en weet nu dat wanneer we als mens niet voldoen aan de morele normen die we onszelf opleggen, dit kan dit leiden tot een gewetenscrisis. Het is het psychologische en spirituele leed dat het gevolg is van het plegen – of het niet voorkomen – van handelingen die onze morele kernovertuigingen schenden. Voor mij is het een gevoel waar ik niet aan kan ontsnappen. Het gevoel dat ik niet langer een goed mens ben.

Op zoek naar hulp stuitte ik op de site van een Belgische vrouw, Cynthia, die de stichting ‘Even Zeer’ heeft opgericht. Zij heeft zelf ooit een zwaar ongeval veroorzaakt en was destijds op zoek naar een plek waar zij haar verhaal met gelijkgestemden kon delen. In Nederland heb ik zoiets helaas nog niet kunnen vinden, en al helemaal niet voor mensen die uit onachtzaamheid een ander met corona hebben besmet. Misschien ligt daar een taak voor mij, ergens in de toekomst. Misschien kan ik lotgenoten helpen bij het verwerken, en kunnen zij mij op mijn beurt weer helpen om weer wat eigenwaarde op te bouwen. Al weet ik zeker dat ik mijn beste vriendin nooit in de ogen zal kunnen kijken en haar vertellen dat ik het ben die haar van haar vader heeft beroofd. Daarmee zal ik moeten leren leven, een andere optie is er niet.’

*Dit interview verscheen eerder in VIVA. De naam van ‘Maya’ is op haar verzoek gewijzigd.